Audio Listening

20/03/2017
7 min

Historisch gezien is radio het eerste mobiele medium. Ondertussen heeft het zich uitgebreid tot tal van andere zendplatforms en ontvangtoestellen. We luisteren weliswaar nog altijd via een radiotoestel of een autoradio, maar ook via tv-toestellen, smartphones, tablets, pc’s en heel wat andere apparaten waarmee we online kunnen gaan.

Deze nieuwe context leidt tot nieuwe luistergewoonten. Het publiek luistert niet langer enkel “live”, maar ook via diverse vormen van uitgesteld luisteren en audio “on demand”. Het aanbod was nog nooit zo ruim en wordt ook meer dan ooit gebruikt als soundtrack bij onze dagelijkse activiteiten. We gaan namelijk altijd op zoek naar een geluidsomgeving die aangepast is aan de activiteit die we op dat moment uitoefenen, zowel thuis als buitenshuis: tijdens het winkelen, wanneer we ons verplaatsen, op het werk, tijdens het sporten, tijdens de maaltijd, om te ontspannen enz.

Een studie die zich toelegt op het gedetailleerde audiogebruik bestond tot nu toe nog niet in België. Daarom gaven we het studiebureau GFK de opdracht om voor IP Belgium een dergelijk onderzoek uit te voeren. Dat gebeurde in februari 2017 bij een online steekproef van 2438 personen van 18 tot 64 jaar. De steekproef, mooi verdeeld over de zeven dagen van de week, was representatief per regio, geslacht, leeftijd en opleidingsniveau.

De ondervraagde personen moesten per kwartier aangeven waar ze naar luisterden, over een volledige dag. Daarbij werd naar elf manieren van luisteren gepeild: “live” in al zijn vormen, maar eveneens audio on demand en luisteren naar zelf aangekochte muziek.

Dit soort studie werd eerder al uitgevoerd in de Verenigde Staten en Engeland. Uit de resultaten in deze landen bleek dat digitaal luisteren sterk is doorgebroken bij de jongere doelgroepen, maar dat daarnaast het aandeel van “live” luisteren nog altijd bijzonder hoog ligt (75 % in Engeland). Hoe zit dat in België?

De Belg luistert gemiddeld 4 uur en 22 minuten per dag naar audio. Dat doet hij hoofdzakelijk thuis (54 % van de tijd), en verder op het werk of op school (21 %), in de auto (18 %) en 7 % elders.

Meer dan 80 % van het audiogebruik gebeurt “live” (waarvan 68,9 % via FM, 5,3 % via een tv-toestel en 6,6 % via de site of de app van een zender). Podcasts en uitgesteld naar de radio luisteren zijn goed voor minder dan 1 %.

We luisteren niet enkel naar de radio maar ook naar muziek die we zelf hebben aangekocht (6,5%), en almaar vaker naar muziek op streamingplatforms (12,1 %). Aangezien het de eerste keer is dat we een dergelijke studie uitvoeren, kunnen we moeilijk iets zeggen over het aandeel van de eigen muziek tien jaar geleden. We vermoeden echter dat dit aandeel toen overeenkwam met wat we vandaag optekenen voor “zelf aangekochte muziek” en “muzikale streaming”, waarbij de een de ander geleidelijk aan heeft vervangen.

Via FM naar de radio luisteren domineert op alle plaatsen waar we luisteren, maar vooral in de auto: daar geniet deze manier van luisteren duidelijk de voorkeur. Eigen muziek komt ook in aanmerking voor luisteren in de auto: een autoradio die verbonden is met het internet zie je nog niet zo vaak. Naar internetradio wordt vooral op de werkplek geluisterd en streamen doen we hoofdzakelijk thuis, ’s avonds en tijdens het weekend. Luisteren via een tv-toestel gebeurt uiteraard thuis, en dan vooral ‘s ochtends.

Er vallen enkele verschillen op tussen de twee taalgemeenschappen in ons land. In het Noorden luistert men per dag 30 minuten langer naar audio en krijgen FM-uitzendingen een grotere rol toebedeeld. Het Zuiden luistert graag naar de radio via de televisie. Inzake streaming zijn de Nederlandstaligen sterker vertegenwoordigd op platforms zoals Spotify of Deezer, terwijl Franstaligen de voorkeur geven aan video-streaming.

Er is geen groot verschil in luistergedrag tussen mannen en vrouwen, behalve dan dat mannen meer te vinden zijn voor digitaal luisteren en muzikale streamingdiensten.

De opvallendste verschillen doen zich voor – zoals wel vaker wanneer het om mediagebruik gaat – op het vlak van de leeftijd. Wie jonger is dan 25 luistert veel meer naar muziek dan wie ouder is, dat is altijd zo geweest. In de jaren 80 luisterde men naar muziek op cassettes via een walkman, in de jaren 2000 werd muziek ontastbaarder met de iPod, en nu zitten de smartphone en de streamingplatforms in de lift. Aan het gedrag is in feite weinig veranderd, enkel het materiaal en de geluidsdrager zijn nu anders. Het feit dat muziek dankzij de digitalisering toegankelijker is geworden, heeft beslist ook bijgedragen aan een stijging van de luisterduur bij jongeren. We praten trouwens vandaag wel eens over de “headphone generation”, de generatie die bij verplaatsingen en op het werk steeds vaker oortjes in heeft of een koptelefoon draagt.

Het aandeel van het live luisteren bij de 18-24-jarigen bedraagt 47 %. Maar van zodra men begint te werken, loopt dat percentage op tot 74 % (bij de groep 25-34 jaar) en tot 87 % bij wie ouder is dan 35 jaar. Hoe ouder we worden, hoe meer interesse we hebben in nieuws, diensten (weerbericht, verkeersinfo enz.) en gewoonweg een menselijke aanwezigheid, via divers entertainment of vaste rubrieken.

Op zich is de vraag naar inhoud mettertijd niet gewijzigd. Wat wel veranderd is, zijn de plekken waar je die content kunt vinden: die zijn nu veel gevarieerder dan vroeger.

De penetratie van DAB+ in België

Gezien veel mensen verklaren een DAB+-ontvanger te bezitten zonder te weten waarover het gaat, is dit een moeilijk te berekenen ratio. Wij hebben de penetratie geschat door een filtervraag toe te voegen die DAB+ definieert.15 % van de ondervraagde personen zegt dat ze vertrouwd zijn met de term DAB+ (18 % in het noorden van het land, 11 % in het zuiden). Hiervan weet 80 % echt wat de term betekent wanneer ze deze definitie geven aan DAB+ : “Het is het luisteren naar digitale radio via de ether, op termijn zal dit de uitzending via FM vervangen”.Wanneer de vraag “Heeft u reeds toegang tot DAB+ radio?” wordt gesteld aan diegenen die de juiste definitie geven, antwoord 3,9 % van de Belgische bevolking tussen 18 en 64 jaar bevestigend.Dit is dus onze geschatte penetratie van DAB+ vandaag in België (4,6 % in het Noorden van het land en 2,9 % in het Zuiden).